Conform de wetgeving bescherming van persoonsgegevens bieden wij jou ons Privacy & Cookie beleid aan. Dit beleid geldt voor alle services die wij als bedrijf verlenen.

Ik accepteer de privacyvoorwaarden

Bekoorlijk Overijssel
Unieke moeraslandschappen

Het noordwesten van de provincie Overijssel bestaat uit twee verschillende delen. Het uiterste noordwesten grenst aan de Noordoostpolder en wordt ook wel het merengebied genoemd. In het zuidelijke en hoger gelegen deel bevinden zich de rivieren, waarlangs ook enkele oude handelssteden gelegen zijn. Grote maar tegelijk erg ondiepe meren zoals de Beulaker Wijde, de Schutsloter Wijde, de Belter Wijde of het Giethoornse Meer zijn door afgraving van turf ontstaan.

Al in de middeleeuwen werden de moeraslandschappen door mensenhanden ontgonnen. Nog tot rond het jaar 1900 was de turfwinning een belangrijke bron van inkomsten, want de turf werd door vele mensen als brandstof gebruikt. Nadat vrijwel overal de steenkool de turf had verdreven en er tegelijk door de intensieve winning ook niet veel meer van over was, werd het aanplanten van riet tot een belangrijke economische factor. Het op vele plaatsen ondiepe water was daar bijzonder goed geschikt voor. Het riet was ook van bijzonder goede kwaliteit en kon daarom worden geëxporteerd. Vandaag de dag wordt het riet nog steeds als dakbedekking gebruikt. In het westen lag voorheen de Zuiderzee. Plaatsen met een vestingskarakter zoals Blokzijl of Vollenhove grensden daarom ook aan open zee. In het zuiden van deze regio – dus langs het IJsselmeer – werden op hoger gelegen plaatsen woonkernen gesticht. Door deze bevoorrechte ligging ontwikkelden zich die plaatsen snel en traden deels zelfs toe tot het Hanzeverbond. Kampen of Hasselt zijn daar typische voorbeelden van. Nog maar sinds kort heeft Overijssel zich tot een uniek watersportgebied met een voortreffelijke infrastructuur ontwikkeld. Vooral de verschillende meren zijn populaire en unieke vakantiegebieden waar men goed kan recreëren. Als uniek natuurgebied staan “De Weerribben” bekend, die behoren tot een van de grootste moeraslandschappen van Europa.

Flora en fauna

De streek zuidelijk van het kleine dorpje Ossenzijl is een paradijs voor watervogels en tegelijk het leefgebied voor talrijke plantensoorten. Door de gehele regio lopen vele waterwegen. Buitengewoon schilderachtig is de Kalenbergergracht, waar je tussen riet en grappige huisjes doorvaart. De romantische route tussen Ossenzijl en Kalenberg is een absolute “must” voor de watersporter. Sommige kanalen mogen niet door motorjachten worden bevaren. Dit is om de flora en fauna te beschermen. Wel is het mogelijk om een zogenaamde fluisterboot – dat zijn boten met elektromotoren – te huren. Daarmee, of ook met een kano, mag men talrijke kleine vaartjes bevaren, die vooral voor de natuurliefhebber zeer interessant zijn. Ossenzijl is een ideaal startpunt voor “natuurtrips” met fluisterboten. Een grote en mooi gelegen jachthaven is er eveneens te vinden en het informatiecentrum voorziet u van vele wetenswaardigheden over dieren, planten, turf en moeras.

Het Venetië van het noorden

Giethoorn wordt ook wel het Venetië van het noorden genoemd. En dat niet ten onrechte, want hier speelt zich bijna alles op het water af. Het is niet mogelijk om met een schip tot het centrum van het dorp te varen. De niet ver van de dorpskern gelegen passantenhaven biedt echter prachtige ligplaatsen in de vrije natuur. Al bij de ingang van het dorp liggen rondvaartbootjes op hun gasten te wachten. Er staan in totaal meer dan 100 units ter beschikking. Daarbij komen dan nog 800 fluisterboten met elektromotoren. Iedere herberg is tegelijkertijd ook rederij voor passagiersvervoer en verhuurt fluisterboten. Vooral met die elektrische boten – ze kosten rond de 20 gulden per uur – kan het wijdvertakte net van vaarten en kanalen bijzonder goed worden verkend. Heel veel waterwegen zijn heel erg nauw, wat tot gevolg heeft gehad dat men er eenrichtingsverkeer van heeft gemaakt. Het centrum van het dorp is vrij van autoverkeer. Nauwe steegjes verbinden de afzonderlijke delen van het dorp met elkaar. Verhuizingen en transporten vinden over het water plaats. Giethoorn werd in 1290 gesticht. Toen vond men er een grote hoeveelheid geitenhorens van geiten die waarschijnlijk bij de grote stormvloed van 1170 om het leven waren gekomen. Daarvandaan komt de naam Giethoorn. Hoewel relatief klein, beschikt het dorp over talrijke gastronomische bedrijven, want jaarlijks willen meer dan een miljoen toeristen van hun hapje en drankje worden voorzien. Het bekendste café is de Fanfare. In 1959 werd daar een deel van de opnamen voor de gelijknamige bioscoopfilm gedraaid. Die film gaat over de geschiedenis van een muziekvereniging, waarbij er een strijd gaande is tussen de verschillende leden. Het café Fanfare is alleen al vanwege z’n komische inrichting een kort bezoekje waard.

De scheepswerven van Zwartsluis

Zwartsluis ligt aan de rand van het grote watersportgebied van Noordwest-Overijssel. De plaats kon zich met name vanwege z’n schitterende ligging tot een prima watersportcentrum ontwikkelen, want van hieruit is men snel in Friesland, op de grote rivieren of op de randmeren. Zwartsluis is bovendien een belangrijk knooppunt voor de binnenscheepvaart. Er bevinden zich twee grote scheepswerven, die binnenschepen bouwen en ook repareren. Bovendien is er nog een scheepswerf die megajachten bouwt voor een welgestelde clientèle. Diverse jachthavens hebben de watersporters bovendien aangename ligplaatsen te bieden.

Bezoek ook eens Friesland